Weblog: Geen vlucht naar voren!

De afgelopen weken is er in de media nogal wat aandacht geweest voor het voorstel van de bestuurders van provincies en gemeenten rond Schiphol om de luchthaven ‘s nachts te sluiten, bijvoorbeeld tussen 1.00 uur en 6.00 uur.

Ik ben blij met die aandacht. Vooral omdat het hier gaat om de relatie tussen nachtelijk vliegtuiglawaai, slaapverstoring en de effecten daarvan op de gezondheid van omwonenden. Ons voorstel voor de nacht is een onderdeel van een pakket van maatregelen die de Omgevingsraad Schiphol meeneemt in hun advisering aan de minister in december.

Nette vergunning

Het is hoog tijd dat allerlei afspraken die al 10 jaar geleden zijn gemaakt over de ontwikkeling van Schiphol eindelijk in een nette vergunning voor de luchthaven worden vastgelegd. Dat is nodig voor de rechtszekerheid van onze inwoners. Onze inwoners moeten erop aan kunnen wat ze wel/niet kunnen verwachten van Schiphol en waarop ze zich kunnen beroepen. Maar het is net zo goed van belang om het netwerk van verbindingen van onze nationale luchthaven met de rest van de wereld zeker te stellen. En daarmee is het dus van groot belang voor het veiligstellen van de werkgelegenheid rond Schiphol. Die is me te dierbaar om over te laten aan de onzekerheid van het ‘gedogen’. Het is dus hoog tijd dat er einde komt aan die (rechts)onzekerheid. 

Milieueffectrapport

We hebben zo snel mogelijk een milieueffectrapport (MER) nodig. Dat is alleen al een wettelijk vereiste. Het MER is ook de feitenbasis, en dus van wezenlijk belang, om de discussie over de ontwikkeling van Mainport Schiphol na 2020 te voeren. Ik heb er – als bestuurder – grote moeite mee dat het MER er nog niet is. Ik begrijp heel goed dat je in vertrouwelijkheid met elkaar moet kunnen spreken als je afspraken wil maken, maar dan wel op basis van feiten die openbaar zijn en dus tot het publieke domein behoren. In dat domein wil ik als bestuurder functioneren en er mag nooit de verdenking mogelijk zijn dat feiten in achterkamertjes zijn “gekneed”. 

Luchtvaartnota

Voor de periode na 2020 kunnen we nu nog geen besluiten nemen over de ontwikkeling van Schiphol. Daarvoor zijn er nog te veel onzekerheden over teveel zaken, waar we nog onvoldoende zicht op hebben. Bijvoorbeeld de veiligheid. De Onderzoeksraad voor Veiligheid (OVV) was in 2017 heel helder. Er is geen substantiële groei op Schiphol mogelijk zónder nadrukkelijk en integraal naar de veiligheid op en rond de luchthaven te kijken. Verder wordt het luchtruim rond Schiphol de komende jaren ingrijpend herzien. We kennen de mogelijke effecten daarvan op de grond niet. Pas in 2020 worden de eerste resultaten van het RIVM-onderzoek naar ultrafijnstof verwacht. Het debat over een duurzame ontwikkeling van de luchtvaart, óók op Schiphol, wordt alom gevoerd, maar daarover moeten door het kabinet nog afspraken worden gemaakt. Maar ook: voor de werkgelegenheid en de welvaart in de MRA is het van groot belang dat Schiphol selectief moet kunnen groeien. Van de afspraken die we daarover maakten is niet veel terecht gekomen. Ik heb er nu geen zicht op dat we dat beter gaan doen. En dan ga ik er voor het gemak maar vanuit dat Lelystad, zoals afgesproken, zo snel mogelijk open gaat. Om ervoor te zorgen dat de start van Lelystad en de verplaatsing van het vliegverkeer van Schiphol daar naartoe goed verloopt, is in de komende jaren tot 2023 wellicht wat extra ruimte op Schiphol nodig. Als dat nodig is, zijn wij bereid daarover met Schiphol in gesprek te gaan.
 
Kortom: belangrijke thema’s waarover pas de komende jaren duidelijkheid over ontstaat, te beginnen bij de Luchtvaartnota van het kabinet die medio volgend jaar wordt verwacht. Geen vlucht naar voren, dus!

Uitgelicht

Portretfoto Adnan Tekin