Provincie: uitvoering plannen landelijk gebied onzeker

Hoe verder met de plannen voor het Noord-Hollandse landelijke gebied? Het is een vraag die de provincie veelvuldig krijgt nu het kabinet stopt met het Nationaal Programma Landelijk Gebied (NPLG).

Zeker betrokkenen bij de gebiedsprocessen zitten in onzekerheid. Rosan Kocken (Natuur en Gebiedsprocessen): “Het is duidelijk dat we niet meer volledig door kunnen gaan op de ingeslagen weg, waarbij we in ieder gebied een intensief gebiedsproces met alle betrokkenen wilden vormgeven.”

Het is nog niet helder in welke vorm en met welke planning de opgestarte gebiedsprocessen doorgaan, gezien alle onzekerheden. Voor de zomer besloot de provincie al dat er voorlopig geen nieuwe gebiedsprocessen starten en dat de inzet en beperkte financiële middelen worden ingezet in 3 focusgebieden: Veenweidegebied, Binnenduinrand en Gooi en Vechtstreek. Het is sinds het stopzetten van het NPLG en het nieuwe kabinetsakkoord duidelijk dat Noord-Holland ook daarbinnen nog moeilijke keuzes moet maken.

Kocken: “Per gebiedsproces gaan wij afwegen of we door kunnen gaan of het proces voorlopig moeten stilleggen. En als we doorgaan in welke vorm. We streven hoe dan ook naar natuurlijke momenten in het proces om af te schalen. Bijvoorbeeld door wel een uitvoeringsprogramma op te stellen, maar de uitvoering afhankelijk te laten worden van - eventueel alternatieve of aanvullende - geldstromen. Wij blijven de komende tijd graag in gesprek met alle betrokkenen en houden hen natuurlijk op de hoogte van de landelijke ontwikkelingen en keuzes die wij met elkaar moeten maken.”

Halen van doelen

De provincie maakt zich zorgen over het vervolg van de plannen die zijn gemaakt en worden gemaakt. Er is wel geld voor bepaalde onderdelen van de gebiedsprocessen, met name de landbouwdoelen. Voor andere doelen, het voldoen aan internationale wet- en regelgeving, zoals het Klimaatakkoord van Parijs, de Vogelrichtlijn, Habitatrichtlijn, Kaderrichtlijn Water en Nitraatrichtlijn, ziet Noord-Holland dat er onvoldoende geld beschikbaar is voor alle plannen die er liggen. Het wordt op deze manier onzeker wat de provincie kan doen en op welke termijn. Met minder geld duurt het langer om de doelen te halen.

Kocken: “Het kabinet geeft aan de komende maanden met een alternatief voor het NPLG te komen. De provincie blijft hierover samen met de andere provincies en met de minister van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur (LVVN) in gesprek. De doelen en opgaven in het landelijk gebied staan voor Noord-Holland niet ter discussie.”

Perspectief voor agrariërs

De natuur staat in Noord-Holland onder druk en tegelijkertijd wil de provincie perspectief houden voor de landbouw. Zowel natuur als landbouw zijn in Noord-Holland met elkaar verbonden en moeten in evenwicht worden gebracht. De provincie blijft zich ervoor hard maken dat er perspectief komt voor de agrariërs. Zij hebben duidelijkheid nodig. Noord-Holland ziet daarin kansen in de inzet van het kabinet op innovatieve landbouw. Ten aanzien van PAS-melders blijft de provincie het Rijk aanspreken op haar verantwoordelijkheid, terwijl Noord-Holland zelf ook werkt aan oplossingen in concrete gevallen. 

“We blijven ons verder inzetten om de doelen voor natuur, water en klimaat te halen”, benadrukt Kocken. “Dit blijven we doen voor heel Noord-Holland. Dat doen we het liefst met onze inwoners en de betrokkenen samen, van onderop. We kijken naar wat we nog wel kunnen doen met het geld dat beschikbaar is. We moeten de komende tijd keuzes maken en daarover gaan we graag met elkaar in gesprek.”