Greenport Nederland gaat positie tuinbouwsector verder versterken

30 mei 2018

Tuinbouw is een van de 9 topsectoren en levert met zo’n 16 miljard omzet een belangrijke bijdrage aan de Nederlandse economie.

De 6 Greenports, het Rijk, de 3 tuinbouwprovincies, toonaangevende bedrijven, de Mainports en de kenniswereld stelden een jaar geleden een agenda op rond de transities die nodig zijn voor behoud van de internationale toppositie van de tuinbouw. Jaap Bond, ad interim voorzitter dagelijks bestuur Greenport Nederland en gedeputeerde provincie Noord-Holland: “Om als tuinbouwland mondiaal koploper te blijven, is samenwerking vanuit een centraal punt noodzakelijk. Greenport Nederland wil dat bereiken door progressie te boeken op het gebied van klimaatneutrale tuinbouw, modernisering productielandschap, slimme agrologistiek, innovatie en arbeidsmarkt.” Adri Bom-Lemstra, gedeputeerde Zuid-Holland: “Ik ben zeer verheugd over de bundeling van de krachten op nationaal niveau. Met dit krachtig Greenport Nederland kunnen de provincies samen met het rijk en de tuinbouwpartijen een breed tuinbouwakkoord sluiten om versneld toe te werken naar een duurzame en toekomstbestendige keten.”

Ontbrekende schakel


Greenport Nederland brengt Greenport Holland Overheden, Greenport Holland Bedrijfsleven, brancheorganisaties, onderwijs en onderzoek samen. Deze is hiermee landelijk aanspreekpunt voor de tuinbouwsector en geeft richting aan de belangrijkste transities op genoemde thema’s. Ook wil het regie voeren op de inbreng voor de energietafels, ruimte en transport, het meerjarenprogramma infrastructuur, en het topsectorenbeleid. Hubert Mackus, gedeputeerde provincie Limburg: “Greenport Nederland verbindt diverse partijen, waardoor er een sterke netwerkorganisatie ontstaat. Overheden, het bedrijfsleven en kennisinstellingen hebben nu één aanspreekpunt. Dat vergroot de slagkracht van Greenport Nederland, waardoor er een sterke positie wordt ingenomen aan de tafels waar tuinbouw op de agenda staat.”
 
De komende periode zullen vertegenwoordigers vanuit de tuinbouwsector uit de publieke en private sector toetreden tot het dagelijks bestuur. Daarna volgt een fase van pionieren en opbouwen richting een slagvaardige netwerkorganisatie gericht het verder versterken van de tuinbouwsector.